Legal insight

D. CASAER, “Zware sanctie voor miskennen ontslagverbod bij overdracht van onderneming”, ODC HR Law Newsletter, April 2015 (Dutch version)

Een Brussels hotel besloot tot het outsourcen van de schoonmaak van de kamers en van het verzorgen van het ontbijt.

Een werkneemster die als kamermeisje in dienst was, krijgt vlak voor de externe firma aan de slag ging een beëindigingsovereenkomst voorgeschoteld waarin zij akkoord diende te gaan om in onderling akkoord de arbeidsovereenkomst te beëindigen. De werkneemster ging nadien aan de slag bij een andere firma die 6 weken later het onderhoudscontract bij het hotel overnam van de eerste externe firma. De externe firma argumenteerde dat er geen sprake was van overdracht van onderneming omdat er geen personeel werd overgedragen.

 

Zware sanctie voor miskennen ontslagverbod bij overdracht van onderneming

Een Brussels hotel besloot tot het outsourcen van de schoonmaak van de kamers en van het verzorgen van het ontbijt.

Een werkneemster die als kamermeisje in dienst was, krijgt vlak voor de externe firma aan de slag ging een beëindigingsovereenkomst voorgeschoteld waarin zij akkoord diende te gaan om in onderling akkoord de arbeidsovereenkomst te beëindigen. De werkneemster ging nadien aan de slag bij een andere firma die 6 weken later het onderhoudscontract bij het hotel overnam van de eerste externe firma. De externe firma argumenteerde dat er geen sprake was van overdracht van onderneming omdat er geen personeel werd overgedragen.

Het Arbeidshof volgde deze stelling echter niet met verwijzing naar de rechtspraak van het Europese Hof van Justitie. Daarenboven kreeg de werkneemster een schadevergoeding toegekend gelijk aan 6 maanden loon wegens het niet respecteren van het ontslagverbod ingevolge de overdracht van onderneming en de oneerlijke houding van de werkgever door haar onder valse voorwendselen een beëindiging in onderling akkoord te laten tekenen.

Deze vergoeding is naar Belgische normen redelijk fors te noemen, doorgaans worden er immers eerder symbolische bedragen (1.000 EUR) toegekend, maar in deze zaak maakte het Arbeidshof een duidelijk statement.

(Arbh. Brussel, 19 juni 2014, AR 2011/AB/68, onuitg.)